Afbeelding

Uitslag

Column

Ik kom uit een VVD-nest. Bij ons thuis ging de tv op een ander net als Joop den Uyl in beeld kwam. 

Toen ik voor het eerst mijn stem uitbracht, in 1982, stemde ik, net als mijn ouders, op de VVD. De PvdA won dat jaar, maar nieuwkomer Ed Nijpels had charisma. Die deed het goed op de pamfletten en tv. De toen 32-jarige fractievoorzitter harkte tien zetels binnen. Ik weet nog dat mijn ouders stonden te juichen voor de buis toen de uitslag bekend werd gemaakt.  

Hoe anders was dat in 1998, toen PvdA de grootste partij werd en met een winst van 8 op 45 (!) zetels kwam. Ondertussen werkte ik op een kerncentrale waar ik als nevenfunctie lid van de ondernemingsraad was. Rechts stemmen was een doodzonde. Maar links óók. Ik zweefde jaren tussen Wim Kok, Els Borst, Hans van Mierlo, Frits Bolkensteijn en al die andere politieke zwaargewichten.

In de jaren na Pim, werd het wat eenvoudiger, maar dit jaar was ik opnieuw zwevend. Samen met mijn twee dochters heb ik de afgelopen weken boven het Nederlandse politieke landschap gefladderd. Kieswijzers zorgden enkel voor meer twijfel en discussies aan tafel. Het was kiezen uit de minst slechte. Daarover waren we het uiteindelijk eens. Toen de uitslag bekend werd, waren de reacties om me heen zó verschillend, dat ik bijna opnieuw aan het twijfelen ben geslagen. Zoveel mensen proberen zich van hun gelijk te overtuigen, dat ik de neiging heb om mijn handen tegen mijn oren te duwen en uit te schreeuwen: NU.EVEN.NIET!

Met mijn lief heb ik afgesproken dat we het niet meer over politiek hebben. In de groepsapp reageer ik niet meer en op de redactie beperken we ons tot de journalistieke feiten. 

Afgelopen week was ik druk met veel interviews. Na afloop van een daarvan, zeg maar op de day-after, kwam het gesprek even op Geert, Dilan, Pieter en Frans. ‘Wat een uitslag hé’, zei ik tegen de vrouw tegenover me. We praatten nog even verder over de aard- en zetelverschuivingen, tot ze zei: ‘Ik kan het woord uitslag niet meer horen. Na een jaar ziekenhuis-in-ziekenhuis-uit ben ik inmiddels ‘schoon’. Een misselijkmakende chemoperiode, waarin ik nagels, haar en huid verloor... gevolgd door een operatie waar ze de enorme tumor, hebben kunnen weghalen. Ik mag blij zijn dat ik nog leef.’ Een uur later waren we nog in gesprek. Over de (on)zin van het leven, kinderen, familie, sterfelijkheid en je afvragen wat nu écht belangrijk is.

Mijn 06 voelde ik trillen: ‘Is het interview al uitgewerkt?’ lees ik op mijn werkmobiel. 

Ik moest het hour-after van dit interview eerst verwerken en reageer pas veel later. 

Even prioriteiten stellen.

Caroline Spaans

Uit de krant