Logo noordwijkerhoutsweekblad.nl
Foto: thv
Bollenpraat

Moe

Na de koptijd is het voor de meeste bollenjongens rustig. Meestal ook de tijd voor een korte of langere vakantie. Waar vroeger de wied-tijd dan aanbrak, is nu de onkruidbestrijding zodanig geperfectioneerd dat het wieden niet meer nodig is.

Dan maar een rondje door de streek rijden om te kijken hoe de gewassen zich houden. Tot vorige week stond alles er supergroen bij. Het koude voorjaar en de nodige regen zijn daar debet aan. Mijn vader roemde vroeger het “jassenweer”.

Echter, hoe snel kan het veranderen. De alom gevreesde hete Pinksterdag hebben we nu erna gehad. Vooral hyacinten verkleuren razendsnel met die hitte. Toch is niet alleen de warmte de boosdoener. Er is een schimmel, pythium genaamd, in de bollengrond die razendsnel kan toeslaan. Gezegd wordt dat alleen verzwakte planten vatbaar zijn en dus vroeger afsterven. Anderen wijten het aan het moe telen van de grond. Te snelle rotatie van hetzelfde gewas. Eens in de 5 jaar hyacinten is al teveel. Ook een te hoge grondwaterstand lijkt ongunstig. Wat nu? Omdat de Pearl-rassen het gevoeligst zijn, zullen die het veld moeten ruimen. Dan alleen maar grofworteligen, die zijn minder kwetsbaar.

Het optreden van een gevreesde schimmelziekte deed me denken aan de Grote Hongersnood van 1847 in Ierland. De, naar zeggen uit Amerika meegevoerde schimmel Phitophtora, verwoestte er de aardappel. Omdat er alleen maar piepers gegeten werden en de Engelse regering geen hulp bood, leidde dat tot een catastrofe van één miljoen doden. De lering uit dit verhaal is dat een eenzijdige teelt heel gevaarlijk blijkt, vooral als een goede ziektebestrijding niet voorhanden is.

In het belang van de nodige diversificatie heeft onze bollenvoorzitter, Jaap Bond, het in zijn pleidooi vorige week voor het behoud van de Streek heel goed samengevat: schaalvergroting gaat zeker door, maar misken niet het belang van de kleine teelten en telers. Hij wordt er niet moe van om dat te bepleiten!

Aad van Ruiten

Meer berichten